Skip to content

Kutgitaar #3: Hanneke Hendrix

mei 19, 2012

Zes mensen en wat kinken in de kabel

~Of: Hoe het ging dat er zes mensen naar me keken en niemand door had dat ik een cent of vijftig te weinig betaalde ~
~Of: Hoe de machine nog niet geolied was~

Als ik de nieuwe Starbucks op het station in Nijmegen binnenkom staan er zes mensen achter de balie. Het is er verder leeg, op een dikke compacte man in pak met een clipboard na die zittend iets uitlegt aan nóg een medewerker van de Starbucks.
De zes hoofden achter de balie kijken me aan.
“Zeg het maar,” zegt het tweede meisje als de eerste niks tegen me zegt en me alleen maar aanstaart.
“Euhm,” zeg ik. “Hoe groot is een middel latte ook weer?”
Een derde houdt een middelgrote beker omhoog en zet ‘m weer terug.
“Hoe die maar,” zeg ik.
“Een Venti Latte!” roept de vierde naar rechts en de vijfde en de zesde komen in beweging. De hand van de vierde vist een grote beker uit de stapel en de tweede noemt een bedrag en de derde vraagt hoe ik heet. Ik kijk rond. Er is verder niemand in de zaak. De zes hoofden kijken me aan. Iedereen staat even stil. Ik lach scheef. Er wordt niet terug gelachen. Achter me hoor ik de dikke man mompelen tegen de zevende medewerker en die mompelt van jaja en neenee. Buiten klinken de schel krassende wielen van een trein die over een wissel gaat.

“Euh, Hanneke?” zeg ik. Ik twijfel en ik weet niet waarom want ik heet toch echt zo.
“Ja?” zegt de eerste.
“Ja?” zeg ik.
Driftig begint de vierde op de beker te schrijven en de tweede noemt nog een keer een bedrag. Ik grabbel in mijn portemonnee.
“Dan mag u nu naar de volgende balie lopen,” zegt de vierde en wijst.
Ik versta wel wat ze zeggen, maar ik begrijp het niet meer.
Ik ben heus wel vaker bij een Starbucks geweest, al ben ik daar niet trots op. Ik kwam daar vaak, vroeger, lang, lang geleden in 2002, toen ik in Nieuw Zeeland werkte. Overigens ging ik daar altijd stiekem heen want iedereen die ik kende daar was heul erg anti-Starbucks. Boven de kleine niet-Starbucks koffiezaken aldaar hingen grote borden waarop “Locally Owned” stond om te verzekeren dat er geen Amerikaanse multinational achter zat.

Ik schaam me dat ik toch nog af en toe koffie hier koop.
In de hel.
“Watte?” zeg ik. De eerste, de tweede en de derde kijken me aan.
“Dat u mag doorlopen,” zeggen de tweede en de eerste door elkaar heen. De derde wijst naar de volgende balie. Ik stommel door naar de volgende balie. De dikke man wijst in het rond en het zevende Starbuckspersoneelslid noteert waar hij naar wijst op een clipboard. Buiten bliepen de palen van de chipcards. Binnen lijken alle geluiden zwaar te zoemen, zoals in films, als het warm is in een motelkamer en de hoofdpersoon op bed ligt en gehypnotiseerd naar de ventilator kijkt.
“Hanneke?” vraagt de zesde. Ik schrik op.
“Hè?” zeg ik.
“Hanneke?” zegt de zesde en zet een beker op de balie.
Ik pak de beker op.
Ik loop naar de trein. Binnen staan de zes achter de balie voor zich uit te kijken. Ik denk aan de Efteling als ik de trein instap. Vroeger dacht ik altijd dat die poppen gewoon doorleefden als het nacht was. Later leerde ik dat de boel uitschakelt als ze dichtgaan. Wat betreft de Starbucks heeft niemand me nog uitgelegd wat er met de personeelsleden gebeurt als iedereen eenmaal weg is.
Maar ik verwacht niet veel goeds.

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: